Conflict en Defensie

De opheffing van Nagorno-Karabach

De opheffing van Nagorno-Karabach - Shaping Europe

De contextualisering van het conflict tussen Armenië, Azerbeidzjan en Nagorno-Karabach.

Op 19 september 2023 opende Azerbeidzjan de aanval op de etnisch-Armeense enclave Nagorno-Karabach. Naar eigen zeggen begon Azerbeidzjan deze aanval nadat er diezelfde maandvier Azerbeidzjaanse militairen en twee burgers om het leven waren gekomen in de enclave. Na de aanval werd er vrij snel een staakt-het-vuren uitgeroepen, waardoor de uitspatting van geweld kan worden gezien als een eendaagse oorlog. Op 29 september maakte Samvel Sjachramanjan, de president van Nagorno-Karabach, bekend dat de regering en alle overheidsinstellingen van de enclave per 1 januari 2024 zouden worden opgeheven. Dit betekent concreet dat de enclave zal stoppen te bestaan. Ondertussen kwam er een enorme vluchtelingenstroom richting het naburige land Armenië op gang. Van de naar schatting 120.000 inwoners van de enclave, waren er op 2 oktober nog slechts  50 tot 1000 mensen over, concludeerden de Verenigde Naties (VN). 

Je las zojuist in één korte alinea hoe een wereldwijd nauwelijks erkende republiek haar eigen einde heeft aangekondigd. Zoals je waarschijnlijk wel begrijpt, is deze uitleg weinig gedetailleerd en heeft dit conflict een lange geschiedenis. Dit artikel is dan ook bedoeld om meer context te bieden aan de berichten over het conflict die in meervoud het nieuws domineerden, maar die ook weer snel naar de achtergrond zijn verdwenen. In dit artikel wordt aandacht besteed aan de geschiedenis van het conflict, maar ook aan welke andere landen een vinger in de pap hebben en waarom internationale actie in de regio grotendeels uitbleef. 

De achtergrond van het conflict

De Sovjet-Unie stichtte in 1923 de Nagorno-Karabachse Autonome Oblast in de Azerbeidzjaanse Socialistische Sovjetrepubliek. De bevolking van de oblast bestaat op dat moment uit 95% etnische Armeniërs. In de Sovjet-Unie was een autonome oblast een soort provincie. Wanneer er in een republiek een regio bestond waar de meerderheid van de bevolking een andere (etnische) nationaliteit had dan die van de republiek waarbinnen deze zich bevonden, werden deze soms omgedoopt tot een autonome oblast. Met deze titel kreeg  de regio een autonome status binnen de republiek. Een ander voorbeeld van een voormalig autonoom oblast is de Zuid-Ossetische Autonome Oblast in de Georgische Socialistische Sovjetrepubliek, tegenwoordig bekend als de zelfverklaarde Republiek Zuid-Ossetië. Dit is een  regio die tot op de dag van vandaag ook gekenmerkt wordt door conflict. 

De grote aanwezigheid van Armeniërs in de enclave laat zien dat we eigenlijk  nog verder terug de geschiedenis in moeten om de nodige context te krijgen. In 1454 werd Armenië onderverdeeld in het Ottomaanse Rijk en het Perzische Rijk. Het Ottomaanse gedeelte werd bekend onder de naam West-Armenië, terwijl het Perzische gedeelte Oost-Armenië werd genoemd. In 1828 werd Oost-Armenië veroverd door de Russen en daarmee onderdeel van het Russische Rijk. Tijdens de periode waarin het Russische Rijk zowel het huidige Armenië als Azerbeidzjan overheerste, werd de toestroom van Armeniërs uit Iran door de Russen bevorderd naar de regio die we nu kennen als Nagorno-Karabach. Tegelijkertijd  vluchtten juist veel Azerbeidzjanen vanuit de regio naar Iran. Het is dan ook belangrijk om te weten dat Armeniërs van oudsher christenen zijn (Armenië was het eerste land ter wereld dat in 301 n.Chr. het christendom tot staatsgodsdienst maakt) en de Azerbeidzjanen van oudsher islamitisch. Het onderstaande kaartje laat wat duidelijker zien hoe Armenië eruit zag door de geschiedenis heen.

De opheffing van Nagorno-Karabach - Shaping Europe

Armenië door de geschiedenis

Tussen 1918 en 1920 vond de Armeens-Azerbeidzjaanse Oorlog plaats, die zich kenmerkte door een serie conflicten verspreid over de regio. Op dat moment bestond een derde van de bevolking uit Armeniërs. In 1918 riep Armenië er een onafhankelijke staat uit, wat door het Ottomaanse Rijk ongedaan werd gemaakt. Na de val van het rijk bezetten de Britten het gebied en stelden zij een gouverneur-generaal aan  die door de Azerbeidzjaanse regering werd gesteund. In 1920 sloot het gebied zich aan bij Armenië. Ondertussen werden zowel Azerbeidzjan als Armenië veroverd  door het Rode Leger (het leger van Bolsjewistisch Rusland). Om steun van de Armeniërs te krijgen, kende het Rode Leger Nagorno-Karabach toe aan Armenië, samen met Nachitsjevan (tegenwoordig een Azerbeidzjaanse autonome republiek die niet grenst aan de rest van het land) en Zangezoer (nog steeds een provincie van Armenië, tegenwoordig genaamd Sjoenik). 

Deze toekenning vond echter plaats onder het Rode Leger en niet onder daadwerkelijk Sovjetbestuur. Met de stichting van de Autonome Oblast werd namelijk alsnog het bestuur van de regio bij de Azerbeidzjaanse Socialistische Sovjetrepubliek gelegd, zoals eerder vermeld. Het was Stalin die de beslissing terugdraaide. Enkel Zanzegoer werd aan Armenië gegeven. Er zijn diverse theorieën die een verklaring bieden waarom hij dat zou hebben gedaan. Een daarvan zou het “binnenhalen” zijn van het net ontstane Turkije, zodat die  zich ook volgens communistische lijnen ontwikkelde. Hoe dan ook is deze beslissing wel de reden dat Nagorno-Karabach als autonome oblast onder bestuur van Azerbeidzjan kwam te liggen en daarmee tevens een van de belangrijkste wortels van het huidige conflict.

De opleving van het huidige conflict

We zijn nog niet klaar met de les Sovjetgeschiedenis. Ook bij de opleving van het huidige conflict moeten we even wat dieper duiken in wat er zich aan het einde van de Sovjet-Unie afspeelde binnen het bestuur van de staat. In 1985 werd Michail Gorbatsjov de nieuwe leider van de Sovjet-Unie. Zijn regeringsperiode wordt gekenmerkt door de val van de Sovjet-Unie, maar ook door wat we Glasnost en Perestrojka noemen, oftewel openheid en hervorming. Perestrojka is de term die wordt gebruikt voor Gorbatsjovs hervormingspolitiek die zich richtte op staatkundige en economische hervormingen. Glasnost moest bijdragen aan die hervormingen, doordat er meer openheid zou komen over het handelen van de staat. Het zijn deze Glasnost en Perestrojka die in de Sovjet-Unie zorgden voor de opkomst van etnisch nationalisme onder de diverse volkeren binnen de Sovjet-Unie, waaronder bij de Armeniërs in Nagorno-Karabach.

In 1988 nam de regering van Nagorno-Karabach een resolutie aan waarin het de intentie uitsprak om zich aan te sluiten bij de op dat moment nog Armeense Socialistische Sovjetrepubliek. Deze resolutie zorgde voor spanningen tussen de twee socialistische republieken van Azerbeidzjan en Armenië, maar gedurende de tijd van de Sovjetoverheersing bleven gewapende gevechten tussen de twee relatief onder controle. Dit betekende echter niet dat er geen geweld plaatsvond. Het begin van de Eerste Oorlog in Nagorno-Karabach die officieel in 1994 eindigde, wordt dan ook wel geplaatst in 1988. 

In 1991 vielen de Sovjet-Unie en de diverse Sovjetrepublieken. Zowel Armenië als Azerbeidzjan werden onafhankelijk en vormden ieder een eigen republiek. Ook Nagorno-Karabach verklaarde zichzelf onafhankelijk na de val van de Sovjet-Unie. Met het uiteenvallen van de Sovjet-Unie – en daarmee het verdwijnen van de controle op Armenië en Azerbeidzjan – en het uitroepen van onafhankelijkheid door de enclave, welde het geweld zodanig op dat het niet meer enkel uitspattingen van geweld waren, maar dat er een totale oorlog uitbrak tussen, in eerst instantie, Azerbeidzjan en Nagorno-Karabach. Later ging ook Armenië zich erin mengen. 

De Eerste Oorlog duurde tot 1994, het moment waarop het Bishkek Protocol  werd aangenomen en daarmee een een staakt-het-vuren werd ingesteld. Deze verklaring werd getekend door Armenië, Azerbeidzjan, Nagorno-Karabach en Rusland. Meerdere keren werd het staakt-het-vuren geschonden, waaronder in 2016. Van 1 tot 5 april 2016 vindt een vierdaagse oorlog plaats, de hevigste uitspatting van geweld sinds het staakt-het-vuren in 1994. De oorlog werd officieel verloren door Azerbeidzjan. Deze nederlaag heeft voor een sterk anti-Armeens sentiment in Azerbeidzjan gezorgd. In 2020 brak de Tweede Oorlog in Nagorno-Karabach uit door gevechten die ontstonden bij de grens tussen Azerbeidzjan en Nagorno-Karabach, zoals die in 1994 is afgesproken. De oorlog duurde officieel van 27 september tot 10 november 2020, en het kwam opnieuw onder leiding van Rusland tot een staakt-het-vuren. Bij beide oorlogen, maar ook tijdens de geweldsuitbarstingen tussendoor, zijn tienduizenden doden gevallen. 

De opheffing van Nagorno-Karabach

Het is al een paar keer benoemd in dit artikel, maar Nagorno-Karabach wordt wereldwijd nauwelijks erkend. Zelfs Armenië erkent de enclave niet als onafhankelijke staat. Dit heeft vooral te maken met dat men vredesonderhandelingen tussen Armenië en Azerbeidzjan niet in de weg wilde staan. Toch zijn er drie plekken die de enclave als onafhankelijk erkennen: Abchazië, Zuid-Ossetië en Transnistrië. Abchazië en het eerder genoemde Zuid-Ossetië zijn regio’s die binnen het territorium van Georgië liggen. Beide regio’s hebben zichzelf onafhankelijk verklaard, maar worden ook nauwelijks erkend (weliswaar wel door meer landen dan Nagorno-Karabach). Transnistrië ligt in Moldavië en grenst aan Oekraïne. Ook Transnistrië heeft zichzelf onafhankelijk verklaard en wordt, net zoals Nagorno-Karabach, maar door enkele andere beperkt erkende enclaves als onafhankelijk erkend. 

Onderstaande kaart geeft weer hoe de gebiedsverdeling aan het einde van de Tweede Oorlog in Nagorno-Karabach eruitziet. Een belangrijk plekje om uit te lichten is de Laçın-corridor (Lachin-corridor). Dit was voor de Tweede Oorlog de enige verbindingsweg tussen Armenië en Nagorno-Karabach. Na de oorlog is het echter toebedeeld aan Azerbeidzjan en zouden Russische vredeshandhavers de corridor bewaken, maar in de praktijk werd dit nauwelijks gedaan. Volgens Amnesty International heeft Azerbeidzjan na de oorlog deze toegangsweg namelijk geblokkeerd, waardoor er een tekort aan eten, medicijnen en brandstof is ontstaan in de enclave. Deze blokkade begon in december 2022. In april van dit jaar werd er een checkpoint geplaatst. Uiteindelijk sloot Azerbeidzjan in juni van dit jaar de corridor volledig af. Deze blokkade werd al voor het uitbreken van de meest recente gevechten door voormalig hoofdaanklager van het Internationaal Strafhof Luis Moreno Ocampo een poging tot genocide genoemd.

De opheffing van Nagorno-Karabach - Shaping Europe

Opdeling van Nagorno-Karabach onder het Bishkek Protocol van 2020

De blokkade heeft de enclave verzwakt. Voordat de opheffing van Nagorno-Karabach werd aangekondigd, vonden er tijdens de wapenstilstand gesprekken tussen de leiders van de enclave en Azerbeidzjan plaats. Vanaf de Azerbeidzjaanse kant werden beloften gedaan aan de leiders van de enclave. Zo zouden Armeniërs in de enclave stemrecht krijgen in Azerbeidzjan. De twijfel rondom de beloftes was echter te groot. Het is dan ook goed om even een stapje terug te nemen en te verwijzen naar het einde van de Eerste Oorlog en het anti-Armeense sentiment dat ontstond nadat Azerbeidzjan feitelijk de oorlog had verloren. Door dit anti-Armeens sentiment vrezen Armeniërs in Nagorno-Karabach onderdrukking door het Azerbeidzjaans bestuur. Met de uitstroom van het enorme aantal Armeniërs en de al verzwakte enclave is uiteindelijk door het bestuur van Nagorno-Karabach besloten tot de huidige stand van zaken: het opheffen van de enclave per 1 januari 2024. 

De rol van de internationale gemeenschap

Het meest voor de hand liggende land dat zijn vinger in de pap heeft, is Rusland. Rusland en Armenië zijn officieel gezien bondgenoten. Dit komt onder andere tot uitdrukking doordat ze beiden lid zijn van de Organisatie voor het Verdrag inzake Collectieve Veiligheid (CSTO) wat zijn oorsprong kent in 1992. Dit is een militair bondgenootschap tussen Rusland, Armenië, Kazachstan, Kirgizië, Tadzjikistan en Belarus. Het kan worden gezien als tegenhanger van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie (NAVO). Dit betekent dat Rusland Armenië militair steunt; zo heeft Rusland een militaire basis in Armenië. Een ander voorbeeld waarin het bondgenootschap tussen de twee tot uiting komt is de Euraziatische Economische Unie (EEU) waar ze beiden lid van zijn. Ook is, zoals eerder genoemd, Rusland aanwezig in Nagorno-Karabach als vredesmacht. 

Het is echter gebleken, met het falende toezicht op de Laçın-corridor door de Russische vredeshandhavers, dat Rusland in praktijk niet per se een goede bondgenoot is. Dit is onder andere te verklaren door de oorlog in Oekraïne. Sinds de oorlog daar op 24 februari 2022 begon is de aandacht van Rusland vooral gericht op Oekraïne en niet op wat er in Nagorno-Karabach gebeurt. 

Twee belangrijke bondgenoten van Azerbeidzjan zijn Turkije en Israël. Turkije steunde Azerbeidzjan eerder in de oorlog in 2020. Het bondgenootschap tussen de twee landen gaat terug naar de roots van de volkeren. Zoals eerder genoemd, is het Azerbeidzjaanse volk van origine een Turks volk. De eerder genoemde Armeense Genocide draagt daarnaast bij aan de slechte verhoudingen tussen Turkije en Armenië. Het  tweede bondgenootschap heeft te maken met een andere bondgenoot van Armenië en andersom: Iran. Israël heeft een afkeer voor Iran, een bondgenoot van Armenië, en dus steunen ze Azerbeidzjan. Daarnaast kent Bakoe, de hoofdstad van Azerbeidzjan, van oudsher een joodse bevolking. Waar de bevolking van Azerbeidzjan grotendeels islamitisch is, is de staat seculier en kunnen dus volgers van andere religies er goed leven. Ten slotte is Azerbeidzjan ook belangrijk voor Israël, omdat in maar liefst 40% van de oliebehoefte van Israël wordt voorzien door Azerbeidzjan.

De rol van de Europese Unie

De Europese Unie (EU) en de lidstaten erkennen, net zoals een groot deel van de internationale gemeenschap, Nagorno-Karabach niet als onafhankelijke staat. Daarnaast is het ook geen bondgenoot van Armenië of Azerbeidzjan. Toch is het belangrijk om te kijken naar de houding van de EU richting de twee landen. Dit heeft ten eerste te maken met de oorlog in Oekraïne. Aan het begin van de oorlog kon je op Shaping Europe een artikel lezen over de afhankelijkheid van de EU wat betreft Rusland als het ging om gas. Sinds de oorlog is uitgebroken en er sancties zijn jegens Rusland, heeft de EU gas vanuit andere bronnen moeten zoeken. Een van die bronnen is Azerbeidzjan. 

Het aandeel Azerbeidzjaans gas in de totale gasconsumptie van Europa is sinds 2021 opgelopen van twee naar drie procent. Dit klinkt natuurlijk als een kleine groei, maar daarom is het belangrijk om het in context te plaatsen. De EU neemt namelijk afstand van Russisch gas omdat Rusland Oekraïne is binnengevallen. Een klein gedeelte van de gasbehoefte dat eerder door Rusland werd geleverd, wordt nu dus opgevangen door gas uit een land dat een blokkade op voedsel, brandstof en medicijnen handhaaft. Het halen van gas uit Azerbeidzjan werd daarom bijvoorbeeld in 2022 al door vijftig Franse politici veroordeeld in een brief aan de voorzitter van de Europese Commissie, Ursula von der Leyen. Zij vonden het hypocriet dat de EU het halen van gas bij de ene agressor af heeft gezworen, maar vervolgens gas haalt bij een andere agressor. 

Al vrij snel na de wapenstilstand en de aankomst van 100.000 vluchtelingen vanuit Nagorno-Karabach, vroeg Armenië de EU om hulp. Het gaat dan vooral om tijdelijke onderkomens (je moet dan denken aan tenten) en medisch materiaal dat de EU zou kunnen leveren. Al vrij snel na de start van het oplaaiende geweld in Nagorno-Karabach liet de Europese Commissie weten dat ze humanitaire steun met vijf miljoen euro verhogen (uiteindelijk werd dit nog verhoogd met vijf miljoen extra), zowel voor vluchtelingen in Armenië, als kwetsbare mensen die zich nog in de enclave bevinden. Daarnaast stuurt de EU diverse vliegtuigen met onder andere voedsel, hygiëne producten en tenten richting Armenië. De EU kiest dan weliswaar geen partij in het conflict, maar door zowel Armenië te steunen als gas af te nemen van Azerbeidzjan geeft het wel mixed signals af.

Is het nu klaar?

De vraag is of met de opheffing van Nagorno-Karabach op 1 januari 2024 het conflict dan ook écht klaar is. Azerbeidzjan heeft opgeroepen tot een volledige integratie van Nagorno-Karabach in de Azerbeidzjaanse samenleving, dus het is onwaarschijnlijk dat de regio een aparte status behoudt. Aan de andere kant  vrezen Armeniërs dat, met de opheffing van de enclave, Azerbeidzjan nog niet klaar is en dat het land verder wil trekken over de Armeense grens. Een strategische doelstelling die Azerbeidzjan al langer heeft is om het land te verbinden met de autonome republiek Nachitsjevan, maar ook om nog verder te gaan en de verbinding te zoeken met Turkije en de Middellandse Zee. “Het staartje” van Armenië, de regio Sjoenik, is het enige wat nog in de weg staat van deze verbinding. Al sinds 2020 heeft Azerbeidzjan troepen gestationeerd nabij de grens met Armenië ter hoogte van Sjoenik. Kortom, het is dus afwachten wat er precies gaat gebeuren op en na 1 januari 2024.

Wil je meer weten over de Tweede Oorlog in Nagorno-Karabach en de nasleep ervan? Dan kan ik je aanraden om de documentaire 1489 te bekijken. Deze documentaire is gemaakt door de Armeense Shoghakat Vardanyan met enkel haar iPhone. In de film laat Shoghakat haar leven en dat van haar ouders zien vanaf dag zeven van de oorlog, de dag waarop haar broer vermist raakte. Hij was op dat moment bezig met het vervullen van zijn dienstplicht in het leger van Armenië. Zijn lichaam werd gevonden, maar het duurde ruim anderhalf jaar voordat het ook daadwerkelijk werd geïdentificeerd. Voor de identificatie werd het nummer 1489 aan zijn lichaam toegekend, wat de betekenis “body of an individual missing in action” heeft. De film ging in première op het International Documentary Film Festival Amsterdam (IDFA) en won tevens de prijs voor de beste film, die Shoghakat hoogstpersoonlijk in ontvangst heeft genomen.

 

Hoofd beeld: Shutterstock, de foto geeft het monument Menk’ enk’ mer leṙnerə (Wij Zijn Onze Bergen, ook bekend als Tatik-Papik, Grootmoeder en Grootvader) weer. Het monument staat net buiten Stepanakert, de stad die als hoofdstad van de enclave Nagorno-Karabach wordt gezien. Het monument beeldt een oude man en vrouw uit die uit de aarde oprijzen, als symbool voor de band tussen de bevolking van Nagorno-Karabach en het bergachtige terrein waar ze wonen.

In-tekst beeld #1: Armenica.org

In-tekst beeld #2: Shutterstock